Inflatie stijgt naar 3,4 procent door duurdere brandstof
Vooral diesel en benzine werden in september veel duurder, terwijl voeding juist goedkoper werd.
De volgredacteur houdt het voor je bij
Luister naar dit artikel
Er is nog geen voorleesversie. Vraag er een aan, dan leest een AI-stem het artikel voor.
Voorgelezen door een AI-stem.
De Nederlandse inflatie kwam in september uit op 3,4 procent, tegen 3,3 procent in augustus. Volgens definitieve cijfers van het CBS waren vooral motorbrandstoffen en telecomapparatuur verantwoordelijk voor de stijging.
Het CBS berekent de inflatie door de consumentenprijzen van een maand te vergelijken met dezelfde maand een jaar eerder. In september lagen de prijzen gemiddeld 3,4 procent hoger dan een jaar eerder. Ten opzichte van augustus stegen de consumentenprijzen met 0,1 procent.
Motorbrandstoffen waren in september 27,2 procent duurder dan een jaar eerder. In augustus bedroeg die stijging 23,4 procent. De gemiddelde dieselprijs kwam uit op 2,499 euro per liter, tegenover 2,369 euro in augustus. Benzine kostte gemiddeld 2,448 euro per liter, tegen 2,333 euro een maand eerder.
De stijging was niet breed zichtbaar in alle productgroepen. Voedingsmiddelen waren volgens het CBS 1,7 procent goedkoper dan een jaar eerder. In augustus lagen de voedselprijzen nog 0,7 procent lager op jaarbasis. De lagere voedselprijzen dempten daarmee het totale inflatiecijfer.
Ook apparatuur voor mobiele telefonie droeg bij aan de prijsstijging. Het CBS wijst erop dat het inflatiecijfer een gemiddelde is. Huishoudens die veel rijden merken de hogere brandstofprijzen sterker dan mensen die weinig auto gebruiken, terwijl huishoudens met andere uitgavenpatronen de ontwikkeling anders kunnen ervaren.
Volgens de Europees geharmoniseerde meetmethode kwam de Nederlandse inflatie uit op 3,0 procent, tegen 2,8 procent in augustus. In de eurozone steeg de geharmoniseerde inflatie volgens de berichtgeving op basis van CBS-cijfers naar 3,8 procent, tegen 3,2 procent in augustus.
De cijfers geven geen directe voorspelling voor de komende maanden. Brandstofprijzen reageren snel op olieprijzen en geopolitieke ontwikkelingen, terwijl prijsdalingen van voeding het gemiddelde kunnen blijven drukken. Voor de Europese Centrale Bank is vooral van belang of prijsstijgingen zich verbreden naar diensten en lonen. Voor huishoudens is de praktische uitkomst intussen ongelijk verdeeld: automobilisten voelen de stijging aan de pomp direct, anderen vooral via indirecte kosten.
Eén verhaal, meerdere perspectieven
Wat vaststaat
- De inflatie bedroeg in september 3,4 procent.
- Motorbrandstoffen stegen op jaarbasis met 27,2 procent.
- Voedingsmiddelen werden gemiddeld goedkoper.
Links
Argumenten De sterkere stijging aan de pomp raakt huishoudens met lage inkomens relatief hard, omdat vervoer en energie moeilijk te vermijden zijn. Gerichte compensatie en versnelling van betaalbaar openbaar vervoer kunnen de koopkrachtdruk verminderen.
Waarden Koopkracht, sociale bescherming en een eerlijke verdeling van lasten.
Gevolgen Zonder steun kunnen hogere brandstofprijzen vooral mensen met weinig financiële ruimte treffen; brede subsidies kunnen echter ook de energietransitie vertragen.
Midden
Argumenten De overheid moet tijdelijke uitschieters niet volledig dempen, maar kan kwetsbare huishoudens gericht helpen. Tegelijk moeten loonbeleid, begrotingsbeleid en Europees monetair beleid voorkomen dat tijdelijke energieprijsstijgingen uitgroeien tot brede inflatie.
Waarden Prijsstabiliteit, doelmatigheid en bescherming van kwetsbare groepen.
Gevolgen Gerichte maatregelen beperken de schade zonder de vraag over de hele economie extra op te stuwen.
Rechts
Argumenten Hoge brandstofprijzen zijn mede het gevolg van belastingen, geopolitieke risico’s en beperkte energieaanvoer. Lagere lasten en meer binnenlandse energieproductie kunnen consumenten en bedrijven direct lucht geven.
Waarden Betaalbaarheid, economische vrijheid en energiezekerheid.
Gevolgen Belastingverlaging kan snel verlichting bieden, maar vermindert overheidsinkomsten en kan het gebruik van fossiele brandstoffen langer aantrekkelijk maken.
De perspectieven zijn een weergave van hoe deze richtingen het onderwerp doorgaans benaderen; de redactie doet geen uitspraak over welk perspectief juist is.
Factcheck Goedgekeurd · Nour Haddad — AI-agent
Deze controle is door AI uitgevoerd: elke bewering is opnieuw getoetst aan de bronnen. Ook een goedgekeurd artikel kan fouten bevatten — blijf zelf kritisch.
De cijfers zijn gecontroleerd tegen de CBS-tabel en een actuele ANP-weergave. De tekst onderscheidt de nationale CPI van de Europese HICP en presenteert verwachtingen niet als feiten.
- bevestigd De inflatie bedroeg in september 3,4 procent en in augustus 3,3 procent. — De CBS-tabel vermeldt deze jaarmutaties voor alle bestedingen. bron
- bevestigd Motorbrandstoffen waren 27,2 procent duurder dan een jaar eerder. — Dit cijfer staat in de actuele ANP-publicatie over de CBS-cijfers. bron
- bevestigd De gemiddelde dieselprijs steeg van 2,369 naar 2,499 euro per liter. — De ANP-publicatie noemt beide maandgemiddelden. bron
- bevestigd Voedingsmiddelen waren in september 1,7 procent goedkoper dan een jaar eerder. — Dit staat in de actuele ANP-weergave van de definitieve CBS-cijfers. bron
- bevestigd De Nederlandse HICP-inflatie bedroeg 3,0 procent. — De actuele ANP-publicatie vermeldt dit Europese meetcijfer. bron
Noot van de redactie
De definitieve septemberinflatie is gelijk aan de eerdere snelle raming. De precieze gevolgen verschillen per huishouden; het artikel behandelt gemiddelden en geeft geen persoonlijke financiële inschatting.Bronnen
- Consumentenprijzen; CPI 2025=100, index en mutaties — Centraal Bureau voor de Statistiek
- Prijzen brandstoffen en telecomapparatuur stuwen inflatie — ANP via ZeelandNet
Meer hierover bij andere media
- NOS — „inflatie cbs”
- Het Parool — „inflatie cbs”
- de Volkskrant — „inflatie cbs”