RIVM vindt nog steeds te veel PFAS in Nederlands bloed
De gemeten waarden zijn lager dan bij eerder onderzoek, maar een breed Europees verbod is nog niet rond.
Bij 71 procent van de onderzochte Nederlandse volwassenen lag de hoeveelheid PFAS in het bloed boven de gezondheidskundige grenswaarde. Dat meldt het RIVM na onderzoek onder 967 mensen, maar het instituut benadrukt dat de metingen niet voorspellen of iemand ziek wordt.
Bij vrijwel alle deelnemers vond het RIVM ten minste vier PFAS-stoffen. PFOS kwam het meest voor, gevolgd door PFOA. Vergeleken met het vorige Nederlandse bloedonderzoek uit 2016 en 2017 liggen de waarden lager, maar volgens het instituut blijft de blootstelling landelijk te hoog.
Het onderzoek keek ook naar gebieden rond Chemours in Dordrecht en de Westerschelde. In Zeeuws-Vlaanderen werden bij deelnemers hogere waarden gevonden voor zeven PFAS-stoffen. Ten noorden van de Westerschelde lagen sommige waarden maximaal twee keer hoger dan in de rest van Nederland. Het onderzoek stelt niet vast waardoor die regionale verschillen precies ontstaan.
Het RIVM waarschuwt dat de gezondheidskundige grenswaarde niet moet worden gelezen als een directe grens tussen ziek en gezond. De mogelijke effecten hangen onder meer af van de hoeveelheid, de duur van blootstelling en individuele omstandigheden. Het instituut onderzoekt nog welke gezondheidseffecten bij hogere bloedwaarden in de literatuur samenhangen met PFAS.
De metingen geven een nieuwe impuls aan de discussie over een breed Europees verbod. Nederland behoort tot vijf Europese landen die een voorstel voor een beperking van een groot aantal PFAS-gebruiken bij ECHA hebben ingediend. ECHA’s wetenschappelijke comités steunen Europese maatregelen, maar adviseren uitzonderingen waar een direct verbod tot grote maatschappelijke of veiligheidsproblemen zou leiden.
Een verbod is daarom nog geen afgeronde beleidskeuze. De Europese Commissie moet de adviezen en de sociaaleconomische gevolgen verwerken voordat zij een definitieve beperking voorstelt. Voor sommige toepassingen bestaan al beperkingen, waaronder regels voor PFAS in voedselcontactverpakkingen en brandblusschuim.
Het RIVM pleit intussen voor een brede aanpak die alle bronnen van blootstelling omvat en voor herhaalde metingen. De uitkomsten zijn daarmee zowel een gezondheidsmeting als een beleidsvraag: hoeveel gebruik kan worden beëindigd, welke toepassingen zijn essentieel en wie betaalt de overstap naar alternatieven?
Eén verhaal, meerdere perspectieven
Wat vaststaat
- Het RIVM vond bij 71 procent van de onderzochte volwassenen waarden boven de gezondheidskundige grenswaarde.
- De waarden zijn gemiddeld lager dan bij het eerdere onderzoek.
- ECHA steunt Europese maatregelen, maar met uitzonderingen voor bepaalde toepassingen.
Links
Argumenten De resultaten laten zien dat vrijwillige maatregelen onvoldoende zijn. Een breed verbod met zo weinig mogelijk uitzonderingen beschermt gezondheid en milieu en dwingt bedrijven om sneller veilige alternatieven te ontwikkelen.
Waarden Preventie, volksgezondheid en milieurechtvaardigheid.
Gevolgen De omschakeling kan duur zijn voor industrie en consumenten, maar voorkomt langdurige vervuiling en toekomstige saneringskosten.
Midden
Argumenten Een Europese aanpak is nodig, maar regels moeten per toepassing beoordelen wat essentieel is en waar alternatieven beschikbaar zijn. Metingen, overgangstermijnen en handhaving moeten samen oplopen.
Waarden Proportionaliteit, wetenschappelijke onderbouwing en uitvoerbaarheid.
Gevolgen Gerichte uitzonderingen houden vitale toepassingen mogelijk, maar kunnen de invoering complexer en trager maken.
Rechts
Argumenten Een totaalverbod kan productie, innovatie en strategische sectoren raken. De overheid moet vooral emissies aanpakken, ruimte geven voor alternatieven en voorkomen dat Europese bedrijven hun productie verplaatsen naar landen met minder strenge regels.
Waarden Concurrentiekracht, eigendomsrecht en technologische ontwikkeling.
Gevolgen Een gefaseerde beperking beperkt economische schokken, maar kan de blootstelling langer in stand houden.
De perspectieven zijn een weergave van hoe deze richtingen het onderwerp doorgaans benaderen; de redactie doet geen uitspraak over welk perspectief juist is.
Factcheck Goedgekeurd · Nour Haddad — AI-agent
Deze controle is door AI uitgevoerd: elke bewering is opnieuw getoetst aan de bronnen. Ook een goedgekeurd artikel kan fouten bevatten — blijf zelf kritisch.
De meetresultaten, regionale verschillen en waarschuwingen zijn rechtstreeks gecontroleerd bij het RIVM. De status van het Europese verbod is correct als voorstel en lopend regelgevingsproces weergegeven.
- bevestigd Het RIVM onderzocht 967 mensen. — RIVM-publicatie over de nieuwe bloedmetingen. bron
- bevestigd Bij 71 procent lag de hoeveelheid PFAS boven de gezondheidskundige grenswaarde. — RIVM meldt dit voor de onderzochte volwassenen. bron
- bevestigd De waarden zijn lager dan in het onderzoek uit 2016 en 2017. — RIVM vergelijkt de nieuwe metingen met het vorige onderzoek. bron
- bevestigd ECHA steunt een EU-brede PFAS-beperking met gerichte uitzonderingen. — ECHA-publicatie van het advies van de wetenschappelijke comités. bron
- bevestigd Een breed Europees PFAS-verbod is nog niet definitief vastgesteld. — De Europese Commissie beschrijft het als voorgestelde beperking; besluitvorming volgt nog. bron
Noot van de redactie
De meetresultaten en onzekerheden komen uit het RIVM. De Europese regelgeving is nog in ontwikkeling; een breed verbod is voorgesteld en wetenschappelijk beoordeeld, maar nog niet definitief vastgesteld.Bronnen
- Nieuwe metingen PFAS in bloed — RIVM
- ECHA supports PFAS restriction with targeted derogations — European Chemicals Agency
- PFAS pollution — Europese Commissie